Veiligheid

CONTROLEER OF DE VASTE SCHOENEN IN DE BOOT GOED MET DE HAKKEN AAN DE BOOT ZIJN VASTGEMAAKT.

Een trouw lid van de vereniging is deze zomer bijna verdronken, toen hij omsloeg met de skiff.

Wat bleek; er zaten vaste schoenen in deze nieuwe skiff, maar die waren aan de onderkant niet vastgezet aan de boot!!!

De voeten gleden daardoor niet los hetgeen een nogal spannende situatie tot gevolg had.

———————————————————————————————————————

R.V. Aengwirden: Koudwater Protocol ( met dank aan KGR De Hunze)

1. Noodzaak

Dit protocol is opgesteld om de kans dat roeiers in de risicoperiode (1 november tot 15 april) te water raken te minimaliseren en om hun overlevingskansen bij het onverhoopt te water raken te maximaliseren.

Watertemperatuur °C Wetsuit Gekleed Zwemkleding
0 15 minuten 9 minuten 2 minuten
5 3 uur 1 uur 30 minuten
10 9 uur 3 uur 1 uur

Tabel 1: overlevingstijd bij te water geraken in wetsuit, gekleed of in zwemkleding.

De overlevingstijd in roeikleding ligt waarschijnlijk tussen die van “Gekleed” en “Zwemkleding” in.

Gevarenzone: risico van 1 november tot 15 april

2. Het voorkomen van omslaan

  • • Met 1x, C1x, 2x, C2x en 2- boten is het risico om om te slaan het grootst. Hoe meer bladen op het water hoe veiliger.
  • • Voor alle leden geldt: stap als roeier in een boot waarmee je goed vertrouwd bent.
  • • Als je een tijdje niet geroeid hebt of niet helemaal fit bent, als er veel wind en/of golven staan: neem dan geen risico en stap in een groter boottype.
  • • Zorg dat je riemen niet uit de dollen kunnen springen, door de overslagen dicht te draaien tot aan het borgmoertje.
  • • Zorg bij het aanvaren van de bruggen dat je goed opgelijnd bent met het bruggat, zodat er onder de brug niet bijgestuurd hoeft te worden.
  • • Kijk regelmatig om en houd stuurboord wal, om aanvaringen te voorkomen.

3. Voorzorgsmaatregelen om risico’s bij omslaan te verminderen

Materiaal

o De boten moeten ook bij vollopen of omslaan een goed drijfvermogen hebben. Doe dus luchtkasten (dopjes, luikjes) voor het instappen goed dicht.

o Bij het omslaan moeten de voeten goed loskomen van het voetenbord. Knoop dus niet je schoenen vast aan de boot (bij flexvoeten), draag schoeisel met een gladde hiel naar de zool en controleer voor het instappen de hielstrengen waarmee de schoenen of flexvoeten aan het voetenbord vast zitten.

Roeier

o Voldoende kleding vertraagt het optreden van onderkoeling met minuten. Een paar dunne lagen werkt in de boot (en in het water) beter dan 1 dikke laag.

o Ga samen op stap: coach aan de wal, of roei in groepjes en houd elkaar in de gaten. Je bent als groep verantwoordelijk voor elkaar. Dus goed oogcontact houden met de langzaamste boot, vaak is dat nl. het kleinste boottype en/of de minst ervaren roeier. Spreek van te voren af welke boten/roeiers op elkaar gaan letten.

Stuurlieden

o Doe bij een los stuurtouw de lus niet rond het middel, maar onder de benen zodat je er niet in kan blijven hangen.

o Zwemvest is in de risicoperiode (1 november – 15 april) verplicht voor alle stuurlieden! Deze hangen in de loods.

( NOG NIET GEREALISEERD)

Coaches

o Zorg dat, als er stukken zijn waar niet gecoacht kan worden, er zo mogelijk andere roeiers in de buurt zijn.  Het is van belang om in de buurt van de boten blijven. Zorg dat de groep bij elkaar kan blijven (geen snelle en langzame boten samen coachen).

o Mobiele telefoon meenemen om om hulp te kunnen vragen

o Voor iedere coach is er een veiligheidspakketje (aan de kapstok in de loods) met werplijn 1x, handdoek 1x,

fleece trui 2x, isolatiefolie 2x  (NOG NIET GEREALISEERD)

4. Bij constateren van omslaan

  • • Waarschuw eerst een collega, een boot in de buurt en of omstanders.
  • • Roep naar de roeier dat hij of zij in beeld is en roep “zwem” indien de roeier dat niet uit eigen beweging doet. Blijf praten.
  • • Onderken en geef aan, wie de leiding neemt (1 stuurman aan wal geen vele!!).
  • • Constateer of er sprake is van letsel, waardoor zwemmen wordt bemoeilijkt. Kan de roeier op of over de boot hangen?
  • • Ga zelf zo dicht mogelijk naar de walkant, onderken ook dat je zelf in het water kan glijden, eigen veiligheid gaat voor.
  • • Regel eerst de opvang van de roeier en kijk in laatste instantie pas naar het bergen van de boot. Roep hulp in van anderen voor het bergen van de boot
  • • Als er na het te water raken doorgeroeid kan worden, kunnen de roeiers zich warm roeien maar de stuurman/vrouw niet. Laat deze tijdelijk van plaats wisselen met een

roeier, zodat deze zich ook warm kan roeien.

5. Opvangen van een mogelijk onderkoelde roeier

  • • Als er sprake is van rillingen, onhandig en verward gedrag, stijfheid van de spieren en erger, dan is er sprake van serieuze onderkoeling. Bel 112 en laat de roeier op de wal rusten, droog deze voorzichtig af en dek deze toe met droge kleding (ook het hoofd).
  • • Is er slechts sprake van een koud gevoel, kippenvel en rillingen, dan is er lichte onderkoeling en handel als volgt:

o Droog de roeier af; doe natte kleding zoveel mogelijk uit. Stel (eigen) droge kleding en isolatiefolie beschikbaar.

o Laat de persoon lopen / bewegen.

o Terug naar de roeivereniging. Regel auto of laat hardlopen, maar zorg dat de persoon niet transpireert. Begeleid de roeier; laat deze nooit alleen.

. Terug op de loods -Blijf ook nu bij de roeier.

6. Verantwoordelijkheden

Een stuur, een coach/begeleider heeft het gezag over de roeiers en is verantwoordelijk voor de roeiers.

  • Stuurlieden: een gekwalificeerde stuur heeft altijd de primaire verantwoordelijkheid.
  • Coach: heeft bij een gestuurde boot de secundaire verantwoordelijkheid. Indien de stuur niet gekwalificeerd is of minderjarig, heeft de coach/begeleider langs de kant de primaire verantwoordelijkheid.
  • Roeier: is verantwoordelijk voor zijn/haar eigen gedrag en dient bepaalde (gedrags)-regels op te volgen om aan die verantwoordelijkheid tegemoet te komen.

 

In deze context heeft het bestuur de volgende taken:

o Het jaarlijkse valideren van dit protocol, ook indien nodig met aanpassingen van de KNRB en/of FISA.

o Het communiceren van dit protocol naar de leden.

o Aangeven welke periode van het jaar de watertemperatuur onder de 10 / 5 °C is.

  • • Examencommissie: neemt de veiligheidsvoorschriften van dit protocol op in de exameneisen voor de verschillende roeigraden. Het is aan de examencommissie deze te toetsen.

Extra
Dit is een heel fascinerend filmpje.
Je kunt er slapeloze nachten van krijgen, maar je kunt er ook lering uit trekken en realiseren dat het varen op een kanaal met beroepsvaart enig voorzichtigheid vraagt

Documenten
folder veilig roeien Rijkswaterstaat

handboek sturen